vonkjes... 05

 

‘De bomen staan als sculpturen, onverwoestbaar en trots’, schreef ze bij twee mooie foto’s van verschillende bomen.

 

Twee vrienden... ze ontmoeten elkaar graag, maar kunnen het nooit lang samen uithouden. Ze wonen allebei in hetzelfde land: de ene als bestuurder, de ander als vrijgeest. De eerste vindt je alleen op de bewegwijzerde paden; het ontdekken van de grenzen van het land is zijn grote, maar ook enig voorstelbare doel. Voor de ander zijn de paden en grenzen van weinig belang. Hij gaat het liefst zijn eigen weg en zorgt ervoor dat die, indien mogelijk, geen spoor achterlaat. Want wie wil uiteindelijk zeggen dat er werkelijk zoiets als een grens bestaat?

 

Het land van de twee vrienden is het land van de kennis.

 

De bestuurder is een groot bewonderaar van kennis en heeft er een rotsvast vertrouwen in. Hij is trots op alle kennis en ervaring die hij bezit en slaat deze zorgvuldig op in zijn geheugen. De vrijgeest houdt er daarentegen van om alle kennis aandachtig en kritisch waar te nemen en deze steeds opnieuw in twijfel te trekken. Hij wil de dingen simpelweg ervaren, zonder ze als 'ervaringen' op te slaan.

Naarmate de jaren verstrijken, ontmoeten de twee vrienden elkaar steeds minder vaak. Op een dag vraagt de bestuurder aan de vrijgeest wat hen zo ver uit elkaar heeft gebracht. De vrijgeest antwoordt:
"Ik ben als de zee... niet meer dan een druppel water. Jij bent als een rotsblok in de branding. Het rotsblok denkt dat hij de zee kent, zonder te begrijpen dat 'de' zee niet bestaat en dat hij, elke keer dat zij hem raakt, miljoenen nieuwe, unieke druppels water ontmoet."

 

De twee vrienden zijn oud geworden en hebben al lange tijd geen contact meer gehad. Op een dag zit de bestuurder op het strand met een brief in zijn handen. Hij leest:
"Lieve vriend, jij wilde altijd iets bereiken, iets 'worden' in je leven. Ik wilde daarentegen alleen maar 'zijn', gewoon leven. Maar dat kan niet in het land van de kennis. Zoals alles wat het denken voortbrengt, is ook het land van de kennis slechts het bekende en dus beperkt en begrensd. Jij wilde de grens bereiken, maar ik — de vrijgeest — wilde eroverheen. Ik wilde het onbekende, onbeperkte en dus eindeloze binnengaan... leven.

Misschien heb je op een dag genoeg van al dit 'worden'. Laten we elkaar dan ontmoeten in het land van het ware leven. Het is wat moeilijk te vinden omdat er geen paden naartoe leiden. Ik kan je dus geen routebeschrijving geven, alleen een wenk: om hier te komen, moet je alle kennis laten varen en heel aandachtig met het leven meebewegen.

 

... nog een goed advies: soms verkopen mensen kaarten die beweren je naar dit prachtige land zonder paden te leiden... vertrouw ze niet."