met open ogen... 02

 

Het weer is mooi voor februari en de wandeling is een genot, ook al is het een beetje koud vanwege de wind en het gebrek aan zon. Terwijl je door het bos loopt, luister je naar de zachte geluiden van de wind en zie je de kracht ervan in de bewegingen van de boomtoppen. Je voelt een sterke bries op je gezicht. De wind draagt de geuren van het bos met zich mee: de geuren van de bomen, de vochtige aarde en het mos en gras dat je links en rechts van je pad waarneemt in verschillende tinten groen.

Al je zintuigen zijn alert en actief. Naast al het moois om je heen ben je je ook bewust van je eigen bewegingen en de weinige gedachten in je hoofd. De wandeling is een moment van zijn, van ervaren, zonder ervaringen op te roepen of op te slaan.

 

Plotseling voel je een opkomende pijn in je nek, die, zoals altijd, gepaard gaat met lichte hoofdpijn en druk op je ogen. Het is een vertrouwd gevoel: een oude bekende die zo nu en dan onaangekondigd zijn opwachting maakt. En met deze gedachte eindigt het ervaren. Het denken neemt het over en trekt het verleden naar het ‘Nu’ in de vorm van ervaring en kennis. Je wilt dat de pijn stopt, je vraagt je af hoe de pijn zich deze keer zal ontwikkelen en wat dit voor de rest van de dag betekent. Je weet uit ervaring dat hij je de avond of nacht in kan begeleiden.

 

Denken is tijd. Dit betekent dat jij en de pijn niet langer echt verbonden zijn. Je vergelijkt wat is met je kennis en ervaringen uit het verleden. Je hebt geen echte toewijding meer aan wat er op dit moment werkelijk gebeurt. Niet voor de pijn en helaas ook niet meer voor al het moois om je heen. Je loopt onbewust, bijna mechanisch, en denkt na over het verleden (hoe het de vorige keer was) en de toekomst (hoe het vandaag zal zijn). Als je je hiervan bewust wordt, in een flits van bewust zijn en aandacht, merk je dat je je energie volledig aan het denken besteedt en dat de waarneming van je zintuigen naar de achtergrond wordt verdrongen.

Denken is tijd en haalt je uit het moment, uit de werkelijkheid. Op deze manier ontstaat er onvermijdelijk een conflict tussen 'wat is' en wat je verlangt of waar je bang voor bent. Als je je hiervan bewust bent en al je aandacht op de werkelijkheid richt, eindigt het conflict en wordt de pijn draaglijk. Ze is er nog steeds, maar ze heeft de ruimte om te zijn wie ze is. Daarnaast is er al het moois van de natuur en omdat je het nu allemaal weer kunt zien – echt zien – kun je de rest van de weg genieten van de schoonheid om je heen. Even wordt je blik en dan je hele aandacht gevangen door een met mos bedekte boomstam die er prachtig uitziet. Het krachtige groen in zijn veelzijdige tinten. Even is er alleen maar dit prachtige groen — de pijn is er niet.

 

Hersenen en zintuigen horen bij elkaar. Pas als alle zintuigen alert zijn en je ze bewust waarneemt, ben je in het ‘Nu’. En pas dan leef je echt. Denken is een heel belangrijk hulpmiddel, maar wanneer het denken domineert en zintuiglijke waarnemingen naar de achtergrond worden geduwd, leef je in een automatisme, uitsluitend gebaseerd op herinneringen, ervaringen en kennis — dat wil zeggen in het verleden. Ieder zintuig moet de ruimte krijgen om waargenomen en begrepen te worden. Bewust zijn is de enige discipline die je nodig hebt: bewust zijn, in het ‘Nu’, van alles wat er om je heen gebeurt en jouw reacties daarop in jezelf.

 

Alleen wanneer de hersenen zich volledig bewust zijn van hun eigen beperkingen en hun manier van werken, en zichzelf zien als een hulpmiddel en opslagplaats voor het verleden, kunnen ze scherpzinnig en intelligent werken. Wanneer de hersenen scherpzinnig worden, kunnen ze alle zintuiglijke waarnemingen zeer nauwkeurig ervaren zonder ze dwangmatig te beoordelen, te vergelijken en op te slaan als ervaring. In deze staat van helderheid, vrede en stilte is er ook verbinding met de geest. De verbinding kan alleen vanuit de geest tot stand worden gebracht. De hersenen zijn hier niet op eigen kracht toe in staat. Integendeel: voortdurend denken maakt het voor de geest onmogelijk om toegang te krijgen tot de hersenen, omdat alle energie wordt in beslag genomen door het denken.

Hoe alerter de zintuigen zijn, hoe gevoeliger de hersenen worden. Hoe gevoeliger de hersenen, hoe rustiger ze worden. Het denken sluit de hersenen af van een volledige zintuiglijke waarneming, van het ervaren in het ‘Nu’. Ervaren zonder de noodzaak om te oordelen, zonder de vergelijking met het verleden, zorgt ervoor dat de hersenen tot bloei komen. Het leidt tot acties die voortkomen uit het directe ervaren van het ‘Nu’ — zonder tussenkomst van het oordelende denken.