ontmoetingen... 14
Het was verbazingwekkend en dat merkte je al van een afstandje op… in het bosje tegenover het huis van de boswachter was het opvallend stil; geen vogel was te horen, terwijl je normaal gesproken iedere avond een luid getjilp hoort van de vogels die elkaar vertellen over de avonturen van hun dag.
Opeens hoorde je het opgewonden, luide gekras van een eenzame kraai. Eerst kon je niet achterhalen waar hij was, maar toen zag je hem boven op de grote den zitten die alleen achter het huis van de boswachter staat. Hij zat precies boven op de boomtop en was duidelijk zichtbaar. Hij bleef luid roepen en je kon aan zijn stem horen dat hij boos was. Je stond daar beneden en keek omhoog naar de grote, waardige vogel. Het duurde lang voordat hij van een afstandje antwoord kreeg. Eerst klonk het heel zacht, maar al snel werd het luider. Beide stemmen werden vriendelijker en je kreeg de indruk dat hij blij was eindelijk antwoord te krijgen. Een paar momenten later kwamen er twee kraaien over het bosje. Ze vlogen recht op de grote den af, maar zonder aarzelen vlogen ze voorbij, nog steeds roepend. Een moment later volgde je vriend zijn vrienden. Je bleef kijken tot je ze niet meer kon zien.
Eerst dan liep je verder door de prachtige avond... De zon ging langzaam onder en het zachte licht, vergezeld van een lichte, warme bries, maakte de aarde en haar bewoners – behalve misschien de mensen – rustig en vredig voor de naderende nacht.
Voor elke handeling – zowel fysiek als verstandelijk – hebben we energie nodig. Zijn wij ons ervan bewust dat met name onze hersenen, en dus elk denkproces, enorm veel energie verbruiken? Als we ons hier werkelijk helder bewust van zijn, moeten we dan niet aandacht besteden aan elke gedachte die in ons opkomt, om zo de aard van ons denken te begrijpen? Als we dit doen, komen we erachter dat al ons denken tijd is. Ons denken beweegt voortdurend tussen verleden en toekomst, waardoor het ‘Nu’ – het enige moment waarop het leven zich werkelijk afspeelt – helaas alleen als doorgang wordt gebruikt. We zijn nooit volledig aanwezig in het leven zolang we ons denken gebruiken zoals we dat nu doen.
We gebruiken het ‘Nu’ alleen om het verleden te herhalen, omdat we de werkelijkheid altijd tegemoet treden met ogen en oren die belast zijn met de schaduw van het voorbije verleden. Moeten we dat gewoon aanvaarden? Helemaal niet, als we bewust zien wat we denken en doen, en zo begrijpen hoe ons denken werkt. Als we dit continu doen, beseffen we dat denken tijd is, en dat tijd een scheiding creëert tussen ‘wat is’ – de werkelijkheid – en wat we ons inbeelden. Het woord ‘inbeelden’ is hier heel precies en toepasselijk, want denken creëert letterlijk beelden, gebaseerd op in onze hersenen opgeslagen kennis, ervaringen en herinneringen. Zien we dat al onze denk-beelden over het heden en de toekomst geworteld zijn in het verleden?
Zodra we naar iets kijken – bijvoorbeeld de kraai in de boom – en het een naam geven, kijken we niet langer naar de levende vogel. We zien de kraai door het beeld dat we in gedachten oproepen; we zien hem niet meer in zijn levende schoonheid. En precies op deze manier kijken we ook naar onze vrouw, onze man, ons kind... de hele wereld... Geloof het niet zomaar, kijk hoe jij naar iets of iemand kijkt.
En dan vraag je je af of we op die manier ooit een echte relatie kunnen hebben met een levend wezen, met het leven zelf…
Het goede nieuws is dat het bewust zien – niet alleen intellectueel begrijpen, maar werkelijk zien én weten – een einde maakt aan alle illusie. Zien én weten is intelligentie die er is als het intellect zijn eigen beperkingen beseft.
Hij was bij een moderne goeroe geweest; de goeroe zelf noemt zich een trauma- en loslaten-expert, maar in wezen komt het op hetzelfde neer: hij weet en heeft iets dat gevolgd moet worden, idealiter een lange tijd – nou ja, hij wil er zijn brood mee verdienen.
Hoe dan ook was hij nu ervan overtuigd dat hij via die man een ‘baanbrekend moment’ had meegemaakt. Jarenlang had hij psychologen en psychoanalytici geraadpleegd, maar die konden hem niet helpen, omdat ze, volgens de ‘goeroe’, wel de ware oorzaak – een jeugdtrauma – aanpakten, maar niet op de juiste manier. Volgens de nieuwe ‘goeroe’ moest hij zichzelf niet afvragen: ‘Wat is er mis met mij?’, maar: ‘Wat is er gebeurd met mij?’ Hij was zichtbaar opgewonden dat hij een nieuwe aanpak had gevonden en over de cursus die hem de komende twaalf maanden zou ondersteunen.
Maar de vraag ‘Wat is er gebeurd met mij?’ leidt ons toch alleen maar weg uit de werkelijkheid waarin we leven? Wat hebben we aan een antwoord op de vraag ‘waarom’? Misschien kunnen we dan iemand anders de schuld geven, maar wat lost dat op? Is elke verklaring of zoektocht naar een verklaring niet louter een ontsnapping uit het ‘Nu’, een verlangen om weg te rennen voor de feiten? En komt dit verlangen niet voort uit de wens om de werkelijkheid niet onder ogen te hoeven zien? Maar het feit is wat er ‘Nu’ is, en alleen een handeling die voortkomt uit de feitelijke situatie kan ware verandering – een mutatie – teweegbrengen.
Het zoeken naar een ‘waarom’ leidt tot innerlijk conflict en als gevolg tot conflict met de wereld om ons heen. Is dat niet pure energieverspilling, terwijl we toch al onze energie nodig hebben om met onvoorwaardelijke aandacht te zien ‘wat is’, als we werkelijk vrij willen zijn van ‘wat was’?
En is niet elke vorm van conflict een gewelddadigheid? Wat heeft het voor zin om te vragen waarom de mens gewelddadig is? Mensen stellen zich deze vraag al duizenden jaren en streven al net zo lang idealen van geweldloosheid na – maar in werkelijkheid zijn ze nooit veranderd. Integendeel: geweld – innerlijk en in de wereld – neemt voortdurend toe, toch? Dat is ook enigszins logisch... Is de strijd tegen geweld niet ook geweld? Dus als we geweld bestrijden, brengen we meer geweld in onszelf en in de wereld.
Kunnen we de gewelddadigheid van de mens – dat wil zeggen, die van onszelf – recht in de ogen kijken zonder het minste verlangen er iets aan te willen doen, en het gewoon als een feit te zien, zonder meer? Kunnen we intelligentie – het licht van inzicht – laten ontwaken en haar de kans geven voor een echte innerlijke mutatie?