met open ogen... 20

 

Na een lange wandeling door weilanden, bossen en een zogenaamd moeraslandschap, ging je zitten op een bankje met uitzicht op een kleine vijver. Over het vijvertje liep, bijna in het midden, een mooie houten brug voor wandelaars. Omdat je er een uurtje geleden overheen liep, wist je dat het een prachtige plek was om het landschap te bekijken en een goed beeld te krijgen van het onderwaterleven. Het leven in deze vijver is ongelooflijk divers. Naast vele mooie visjes zag je er ook bruine en groene kikkers en zelfs een heel klein schildpadje rondzwemmen. De levendige drukte werd omringd door stengels en bladeren van waterlelies en andere waterplanten, waarop af en toe prachtige blauwe libellen landden, op zoek naar een prooi. Je had zelfs het geluk om twee bloeiende waterlelies te bewonderen. Hun prachtige, onschuldige witte kleur schitterde in het zonlicht en hun gele hartjes leken op de zon... dezelfde zon die hun weerspiegeling op het water creëerde. Het was een vreugde om dit spel van het leven te aanschouwen.

Terwijl je op het bankje zat, keek je naar het riet aan de oever dat heen en weer boog in de harde wind. Het riet trok zich niets van de wind aan: het bewoog vrolijk mee en genoot ondertussen van de warme zon. Jij deed hetzelfde, vergezeld door het gezang van vogels in de bomen achter je en het luide gekwaak van kikkers in de vijver. Je kon haast niet geloven dat deze krachtige geluiden afkomstig waren van de kleine kikkers die je een uurtje geleden had gezien.

Opeens zag je een kleine mier snel over je arm kruipen. Het beestje was uiterst behendig en je was bang dat hij in je mouw zou verdwijnen. Om dat te voorkomen hield je je vinger op zijn pad en bij de tweede poging lukte het: de mier liep op je vinger verder. Je bukte je naast de bank en hield je vinger tegen een grassprietje, maar het duurde even voordat de mier van plaats wilde wisselen. Een man kwam voor je staan en vroeg of alles in orde was. Toen je hem uitlegde wat je aan het doen was, lachte hij en zei: ‘Als we geen andere zorgen op aarde hadden dan ons druk maken over het leven van een mier…’

 

Waar wil je beginnen met aardig zijn voor het leven? Waarom niet hier, op deze prachtige plek? Wees aandachtig voor de mier en kijk uit dat je geen van de kleine witte bloemetjes plet als je over het gazon loopt. Geef de vogels op de oever de rust en ruimte die ze nodig hebben en doe hetzelfde met het hondje en zijn baasje die je pad kruisen.

 

Als je hunkert naar een vreedzame wereld, begin dan dicht bij huis — heel dicht bij huis — en dus in jezelf. Alleen wie innerlijk vredig is, dat wil zeggen vrij van innerlijke verdeeldheid en conflict, draagt bij aan vrede in de samenleving en in de wereld. Jij bent de wereld en de wereld ben jij – onlosmakelijk één. Je kunt je er niet van losmaken; nooit, dat is onmogelijk. Dit is geen theorie, geen filosofisch idee of romantische uitvinding, maar een feit. De wereld, de mensheid, de samenleving bestaat niet op zichzelf. Zij is wat wij ervan gemaakt hebben en zal worden wat wij ervan maken. En als wij – de individuele mens – niet fundamenteel veranderen, zal de chaos van geweld en oorlog voortduren.

Vrede ontstaat niet door het beëindigen van een oorlog, maar alleen als we de onderliggende oorzaak begrijpen en er een einde aan maken. Zolang de oorzaak blijft bestaan, ligt de kiem voor de volgende oorlog in datgene wat wij vrede noemen.

Ben je je er echt van bewust dat de mensheid nooit in vrede heeft geleefd? De hele lange geschiedenis van de mensheid op deze prachtige aarde is tot op de dag van vandaag een aaneenschakeling van oorlogen geweest. Is het niet vreselijk om dat te beseffen?

Laten we eens kijken naar de onderliggende oorzaak van oorlog. Oorlog ontstaat uit een conflict tussen twee partijen, bijvoorbeeld naties of geloofssystemen. Wat is kenmerkend voor een conflict? De verdeeldheid, een 'wij tegen zij'-mentaliteit. Deze mentaliteit komt voort uit het denken in termen van ‘mijn’ – zoals ‘mijn land’, ‘mijn natie’, ‘mijn religieuze of politieke overtuiging’. Iedereen die zich identificeert met een bepaalde groep, draagt bij aan het conflict en houdt het in stand. Ook dit is een feit. Het denken dat de verdeeldheid heeft gecreëerd – zoals bijvoorbeeld het idee van ‘mijn natie’ – vergelijkt, beoordeelt en veroordeelt een ander idee met het beeld dat het voor zichzelf heeft gevormd. Conflict is het onvermijdelijke gevolg. Op het moment dat je het gevoel hebt dat je eigen idee bedreigd wordt — en dat is onvermijdelijk als je in vergelijkingen denkt — ben je bereid het te verdedigen. Misschien eerst alleen met woorden, maar sta daar eens werkelijk bij stil en vraag jezelf af: waar begint geweld? … Bevat niet elke bereidheid om iets te verdedigen al een kiem van geweld? Is het begin van geweld niet al de subtiele handeling om een ander te dwingen te doen wat jij wilt? Bestudeer deze vraag zorgvuldig voor jezelf. Het inzicht zal je ertoe aanzetten totaal anders te handelen.

Hoe verwacht je vrede te creëren met geweld? Elke gewelddaad roept meer geweld op.

 

Een kind dat je dwingt stil te zitten, zal nooit werkelijk tot rust komen en zich er innerlijk altijd tegen verzetten. Het enige wat je ermee bereikt, is dat de band tussen jullie beschadigd raakt. Wil je dat? … Of wil je dat het kind zelf inzichten verkrijgt en ontdekt wat het juiste is om te doen, zodat het niet alleen uiterlijk stil is, maar vooral innerlijk tot rust – met andere woorden innerlijk tot vrede – komt. Als je dat wilt, zeg dan nooit dat iets ‘moet’, maar ontdek samen met het kind wat het juiste is om te doen.

En misschien bekijk je het ook eens zo: als je kind niet stilzit, vraag jezelf dan af: ‘Ben ik zelf stil, diep vanbinnen? Straal ik uit wat ik van mijn kind verwacht? … Of is het kind – net als elk ander mens – misschien slechts een weerspiegeling van wat er in mijzelf niet in orde is?’ Het gaat hier niet om zelfkritiek, maar om zelfwaarneming — zien wat is, zonder het te bekritiseren, te rechtvaardigen of te veroordelen — die tot zelfinzicht leidt. Dit bewuste zien van het feit is de handeling die tot werkelijke verandering leidt, tot een mutatie van je hele wezen.

 

Zoals we al zeiden: geweld leidt alleen maar tot meer geweld. Je kunt een vijand doden, maar je moet je er wel van bewust zijn dat je hiermee tegelijkertijd minstens één nieuwe vijand tot leven wekt. Ook dit is geen sprookje of hersenspinsel. Kijk eens goed naar wat er al duizenden jaren op aarde gebeurt. Oorlog volgt op oorlog, waarbij miljoenen mensenlevens worden uitgemoord of vernietigd, zonder ooit een vreedzame wereld tot stand te brengen. Geen enkel religieus geloof of politiek systeem is er tot nu toe in geslaagd om blijvende en echte vrede op aarde te creëren. Waarom niet? Omdat geweld altijd nieuw geweld voortbrengt. Waar je tegen vecht, wordt alleen maar sterker. Zo kun je nooit winnen. Je kunt één vijand doden, je kunt miljoenen vijanden doden, maar je kunt niet alle vijanden doden... Er komen altijd nieuwe. Je hebt ze allemaal zelf geschapen. En misschien nog wel gruwelijker en afschuwelijker is het feit dat je zelf een moordenaar wordt en je kinderen tot moordenaars maakt. Dat klinkt vreselijk, maar helaas is het een feit. ... Als je het zinloze en wrede moorden wilt stoppen, moet je er gewoon mee ophouden. Zo simpel is het. Maar om dit daadwerkelijk te doen, moet je de oorzaken van je eigen gewelddadigheid herkennen, inzien en begrijpen, en ze zo volledig uitbannen. Dan ontdek je misschien wat er nodig is voor werkelijke en duurzame vrede in jezelf en in de wereld: mededogen voor de mens – dat wil zeggen voor de gehele mensheid – en voor al het leven op deze prachtige aarde.

 

Is de mensheid dus gedoemd te blijven leven in geweld en oorlog, tenzij de mens een diepgaande verandering ondergaat? Zolang de individuele mens – die de gehele mensheid vertegenwoordigt – geweld in stand houdt en geweld met geweld beantwoordt, is dit ongetwijfeld het geval. Alleen als de individuele mens de oorzaken van geweld werkelijk begrijpt en daar diepgaand inzicht in krijgt, is er een kans om een vreedzame wereld te creëren.

Zie jij de belangrijkste oorzaak van geweld? Het is de verdeling van de wereld in naties, geloofssystemen, rassen, enzovoort, en de daaruit voortvloeiende angst dat iemand – de zogenaamde vijand – deze zaken zal afpakken of vernietigen. Maar deze indelingen zijn geen feiten; het zijn louter beelden en ideeën, gecreëerd en in stand gehouden door het denken. Alleen een diepgaand inzicht in deze spiraal van verdeeldheid, angst en gewelddadigheid kan een einde maken aan oorlog – eerst innerlijk, binnen de individuele mens, en vervolgens in de samenleving en de wereld.

 

Dit inzicht is echter alleen waardevol als het voortkomt uit intelligentie – dat wil zeggen: uit je hele wezen, je hart en je geest. Begrijpen in louter intellectuele zin, via het denken, is niet voldoende. Alleen diepe intelligentie kan een mutatie in je wezen teweegbrengen. En daarom moet je bij jezelf beginnen. Als je vrede hebt in je hart en geest – dat wil zeggen: als je zonder verdeeldheid, zonder haat en zonder geweld leeft – dan zal de vraag wat je tegen een zogenaamde vijand moet doen, zich nooit meer voordoen.