met open ogen... 16

 

Toen je wakker werd — zonder je ogen te openen — was er het ‘andere’: de schoonheid van het geheel, het al-één-zijn met alles, het niet-zijn van het zelf. Totale levensenergie, zonder enige beperking.

 

Als je met je ogen naar iets kijkt, is er altijd een grens, een horizon. Maar als ‘het andere’ er is en je neemt waar zonder de waarnemer te zijn, dan is het lichaam volkomen roerloos en stil, de hersenen absoluut rustig, maar uiterst levendig en gevoelig. Er is geen grens, geen schaduw; er is alleen licht en een oneindige, onmetelijke ruimte. Geen enkele scheiding bestaat...

Het ligt totaal buiten het bereik van het denken en kan dus niet in woorden worden uitgedrukt. Het is gewoon gewaarwording… Het is er voor het moment waarop het is; het is niet blijvend en niet grijpbaar, omdat het levendig is. Het is vertrouwd, maar toch steeds volledig nieuw en nooit een herhaling.

 

Heb je ooit opgemerkt dat er alleen een echt één-zijn tussen mensen is op momenten waarop zij volledig stil zijn? Levensenergie, die door levende wezens stroomt, heeft geen woorden nodig. Sterker nog: woorden onderbreken de vrije stroom. Het is heerlijk als je zonder woorden één bent met een mens, een dier of een plant. Je geest moet hiervoor vrij zijn; vrij zijn van denken en tijd…

 

‘Het andere’ bleef ook nadat je opstond, en het is er nog op het moment dat je dit schrijft. Omdat het er is, neem je alleen het geheel waar. De details zijn niet van groot belang, ook al neem je ze heel bewust en scherp waar. Omdat er zoveel levendigheid is, zijn de details van voorbijvliegende aard; je neemt ze waar en ze verdwijnen met de onophoudelijke beweging van het leven.

 

Het weer op deze tweede aprilmorgen is prachtig. De hemel is wolkeloos en de zon geeft alles een mooie kleur en warmte. Zij verwarmt niet, zij zorgt ervoor dat alles waar zij op schijnt zelf warm wordt — van binnenuit — en op die manier wordt de warmte doorgegeven en gedeeld.

 

Het kleine kersenboompje voor het raam is van kleur veranderd. De bloemen zijn nu bijna wit, al is het vervaagde rood nog waarneembaar. Leven betekent voortdurende vernieuwing: een onophoudelijk komen en gaan. Als je iets wilt vasthouden, maak je het leven lelijk, omdat het indruist tegen zijn natuurlijke aard.

 

Vernieuwing is iets heel anders dan verandering. Bij verandering blijft dat wat verandert in de kern hetzelfde, en dus is het nooit helemaal nieuw. Werkelijke vernieuwing is mutatie: het oude moet volledig eindigen en zo plaats maken voor het nieuwe.